Tien fouten die een verlijming laten mislukken
Loopt een verlijming stuk, dan zit de oorzaak vrijwel altijd in deze lijst. De keuze van de lijm zelf staat er zelden bij.
- 01
Ontvetten overslaan
Vet van vingers is met het blote oog onzichtbaar en genoeg om de hechting te blokkeren. De lijm hecht dan aan de vetfilm en die laat los van het materiaal.
- 02
Ontvetten voor het schuren
Schuren brengt nieuw vuil naar boven en drukt het vet in de groeven. De volgorde is schuren, stof wegblazen, ontvetten.
- 03
Te veel lijm
Een dikke voeg is zwakker dan een dunne en hardt trager uit. Bij cyanoacrylaat blijft de kern soms dagen zacht.
- 04
Lijm op beide vlakken
Verdubbelt de laagdikte zonder dat de verbinding er sterker van wordt.
- 05
Verkeerd materiaal aangenomen
Polyetheen en polypropeen laten vrijwel elke lijm los. De drijfproef kost een minuut en voorkomt een mislukte reparatie.
- 06
Te vroeg belasten
Fixatietijd is niet hetzelfde als eindsterkte. Belasten daartussen verlaagt de sterkte blijvend.
- 07
Te hard klemmen
Perst de voeg leeg. De klemdruk hoort net genoeg te zijn om een dun lijmrandje te zien verschijnen.
- 08
Werken in de kou
Onder de vijftien graden verloopt de uitharding van tweecomponentenlijmen traag en blijft de eindsterkte achter.
- 09
Uitgeperste lijm nat wegvegen
Brengt lijm in het oppervlak. Laten stroperig worden en dan afsteken werkt beter.
- 10
Oude lijm laten zitten
Nieuwe lijm hecht niet op een oude lijmlaag. Die laag moet er eerst volledig af.
De rode draad
Acht van deze tien fouten worden gemaakt voordat de lijm het werkstuk raakt. Wie de voorbereiding serieus neemt, houdt maar weinig over om nog fout te doen.